Achter gesloten deuren

Guy SERMEUS- socioloog

 

geen mens die er aan ontsnapt  …

geen mens die er aan wil ontsnappen  …

geen mens die er zich over blootgeeft  …

onze Belgische stoelgang (-gewoonten)

 binnen een zuiders referentiekader

Gebaseerd op representatieve bevolkingsbevragingen bij 1073 Belgen (18-74 jaar oud), 2718 Italianen, 1111 Portugezen, 1965 Spanjaarden en 1314 Brazilianen

Inleiding

Ons digestief systeem – zich uitspreidend van de mond tot de anus – behoort ongetwijfeld tot de reeks van componenten die essentieel zijn voor de instandhouding van ons biologisch bestaan. Tal van onderzoek, publicaties en reportages over wat en hoe we eten (“input”) is beschikbaar. En eveneens de geneugten en de sociale context van deze input zijn overvloedig beschreven en toegelicht in zowel de meer gespecialiseerde literatuur als in de alom toegankelijke dagelijkse media.

Heel anders is het gesteld met wat we weten over dat andere extreem van ons digestief systeem, nl. de “output”. Transparantie wordt hier bewust vermeden via gesloten en vergrendelde deuren. Ventilatievenstertjes – voor zover aanwezig – bevinden zich doorgaans hoog boven onze hoofden en geven pottenkijkers geen schijn van kans.

Tijd dus voor het nodige sloopwerk aan ramen, deuren en muren van dit kleine ontoegankelijke kamertje. Tijd voor een overzichtelijke, systematische en onthullende kwantificering – met zuiders referentiekader – van onze Belgische stoelgang en stoelganggewoonten.

De ontlasting: aard

10% van de Belgen heeft frequent last van constipatie. Hiermee zijn we beslist beter af dan onze Braziliaanse (25%), Portugese (20%), Spaanse (20%) en Italiaanse (17%) soortgenoten. Omgekeerd is het dan weer gesteld met dat andere verschijnsel “diarree”. Hier zijn de Belgen de “lijdende” groep. 14% heeft er frequent mee te maken tegenover 6% à 8% van de geciteerde referentiebevolkingsgroepen. Terwijl mannen zich vaker moeten haasten om het onvermijdelijke te vermijden, geldt voor vrouwen dat ze vaker alle tijd moeten nemen vooraleer het nodige te kunnen doen.

Gelukkig bestaat er ook nog die gulden middenweg: het frequent afwisselend te kampen hebben met zowel diarree als constipatie (5% van de bevolking en vrij evenwichtig verspreid als verschijnsel over de landsgrenzen heen … zij het dan toch weer ietwat in het nadeel van de vrouwelijke bevolking).

En voor de jongeren is er hoop: diarree als spelbreker neemt af met de leeftijd. Constipatie daarentegen lijkt weinig leeftijdsgebonden. Het zal de lezer wellicht weinig verbazen dat diarree en constipatie geen echt gunstige invloed hebben op onze gezondheid en op ons algemeen welbehagen. Personen die regelmatig te maken krijgen met diarree en constipatie zien hun globale digestieve gezondheidsindex dalen tot 77 (op een schaal van 100), vergeleken met 90 als indexwaarde voor personen die hiervan gespaard blijven.

De ontlasting: frequentie, uitstelgedrag, duur en tijdstip

Meestal gaan we als Belg dagelijks één keer naar het toilet (42% van de Belgen en sterk gelijklopend in de vier referentielanden). 22% heeft nood aan twee consultaties en 6% moet drie keer daags op bezoek. Maar ook de tegengestelde strekking laat van zich horen: 7% van de Belgen neemt genoegen met hooguit twee toiletbezoeken per week. En niet echt verwonderlijk: personen met één of twee dagelijkse consultaties scoren een betere digestieve gezondheidsindex (respectievelijk 89 en 87 op een schaal van 100). Zij die minder dan tweemaal wekelijks of meer dan driemaal daags het toilet bezoeken scoren slechter: respectievelijk 81 en 79 als indexwaarde.

26% van de Belgen stelt (zeer) frequent de ontlasting uit op het werk of in de school. Italianen vinden dit blijkbaar nog vervelender want bij hen loopt dit aantal op tot 36%. Op bezoek bij vrienden en familie zitten de Belgen nauwelijks minder verveeld met hun drang: 23% stelt zijn behoefte uit. En nog erger is het gesteld bij drang op openbare plaatsen: liefst 50% van de Belgen verkiest dan het zweet achter de oren. Hier zijn de Brazilianen kampioen met niet minder dan 71%.

48% van de Belgen blijft gemiddeld minder dan 5 minuten per toiletbezoek op consultatie (37% heeft 5 tot 10 minuten nodig en 12% neemt 10 tot 15 minuten de tijd) … althans thuis. Uithuistoiletbezoek gaat blijkbaar heel wat sneller: 76% van de Belgen handelt het dan af in minder dan 5 minuten. De gemiddelde duurtijd van een toiletbezoek door een Belgische toiletganger is overigens vrij gelijklopend met die van toiletgangers in de vier referentielanden. En toiletgangers die per bezoek 30 minuten of langer blijven plakken scoren een significant lagere digestieve gezondheidsindex (81 op 100).

45% van de Belgen doet enkel ’s morgens zijn of haar behoefte (een aandeel dat toeneemt met de leeftijd en vergelijkbaar is met dat binnen de vier overige referentielanden). 11% gaat ’s morgens én ’s avonds langs, en 25% heeft geen echt eenduidig patroon (een percentage dat afneemt met het ouder worden). Ongeveer 1% moet gewoonlijk ’s nachts op de pot om het laken niet donkerbruin te besmeuren.

De ontlasting: toilethouding en anusreiniging

98% van de Belgen durft zich zonder meer neer te zetten op de bril van het eigen thuistoilet; 1.5% bedekt de eigen toiletbril met een hygiënisch plastic of papier en een absolute minderheid gaat liever helemaal niet zitten. De zitbereidheid neemt evenwel sterk af naarmate de variërende uithuislocatie van de pot: 83% durft zonder hygiënische protectie te gaan zitten op het toilet van familie en vrienden, 59% op het toilet op het werk en nog amper 30% op een openbaar toilet. Op deze laatste locatie verkiest 27% van de Belgen zelfs de hanghouding … maar hiermee scoren we nog steeds behoorlijk lager dan Portugezen (47%), Brazilianen (48%), Italianen (55%) en Spanjaarden (58%).

Met uitzondering van Italië vertoont de Belgische schoonmaakmethode slechts weinig verschillen met de gebruikelijke procedés in de andere referentielanden. 65% van de Belgen klaart deze klus mits gebruikmaking van uitsluitend toiletpapier; 17% combineert toiletpapier én hygiënische vochtige doekjes (iets wat minder in voege lijkt in de andere vier landen). Slechts 39% van de Italianen maakt gebruik van uitsluitend toiletpapier terwijl 47% opteert voor de combinatie toiletpapier én water met of zonder zeep (een combinatie die hooguit 8% van de Belgen kan bekoren).

Epiloog: randontlastingsbezigheden

     

30% van de Belgen benut het thuistoiletbezoek (zeer) frequent voor literaire verrijking, een gewoonte die sterk gelijklopend is in de vier referentielanden. 10% van de Belgen verkiest toiletbezoek voor het aanscherpen van cognitieve vaardigheden a.d.h.v. kruiswoordraadsels, computerspelletjes en dergelijke. 6% laat zich meestal graag verstrooien door het genot van muziek, terwijl 4% verkiest om geen seconde in te boeten aan computerwerk en internetnavigatie. Tot slot zijn er de 3% diehards die het telefoneren echt niet laten kunnen, al lijken we hier dan toch iets minder obsessief dan de 6% Italianen die hun spreekreputatie alle eer aandoen.

“Vaarwel mijn bruine vriend, hier scheiden onze wegen. Hier laat ik rusten met genot, het stoffelijk overschot van middagmaal en avondpot” (Spreuken Toilet)

Keer terug naar Onze domeinen.             

 

Domein: 
Gezondheidweetjes
Auteur: 
Guy SERMEUS - Socioloog
Uitgave PLU.IM Magazine: 
September 2016