Investeren voor ontwikkelng

Laetitia Counye  - Senior Investment Officer                              

De Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden, BIO, werd in 2001 opgericht binnen het kader van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Onze opdracht is om via rechtstreekse en onrechtstreekse investeringen de ontwikkeling van de privésector te ondersteunen in opkomende en ontwikkelingslanden. Zo zijn we actief in 52 landen in Afrika, Latijns-Amerika en Azië. De keuze van deze landen is deels gebaseerd op de partnerlanden van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking, deels op de OESO lijst van landen die ontwikkelingshulp ontvangen. Eind 2017 had BIO € 713 miljoen aan engagementen, en een uitstaande portefeuille van 129 projecten.

Net zoals onze collega ontwikkelingsfinancieringsinstellingen wereldwijd, is het onze visie dat we door te investeren in private projecten een structurele bijdrage leveren aan de socio-economische groei van het land. Het is duidelijk dat de privésector en privé investeringen een belangrijke rol spelen in duurzame ontwikkeling en armoede bestrijding. Goed functionerende lokale kleine en middelgrote ondernemingen (KMOs) dragen immers bij tot de toename van de werkgelegenheid, de verbetering van de levensstandaard van de bevolking, technologische ontwikkeling, het dalen van de prijzen door het stimuleren van concurrentie, en het verhogen van de fiscale inkomsten van het land. En dankzij die hogere inkomsten kan de overheid dan infrastructuurwerken, onderwijs en gezondheidszorg financieren. In ontwikkelingslanden worden KMOs echter vaak geconfronteerd met een gebrek aan financiering, aan basisinfrastructuur, en aan voldoende deskundige ondersteuning voor hun bedrijfsvoering, waardoor hun groei en potentiele impact op de economie en welvaart gefnuikt worden.

Het belangrijkste doelwit voor BIO is daarom het bereiken van micro, kleine en middelgrote ondernemingen (MKMOs) met relevante investeringen. In ontwikkelingslanden is de financiële sector vaak te risico-avers of niet uitgerust om hen aan financiering te helpen. Ontwikkelingsfinancieringsinstellingen hebben dan ook een voorbeeldfunctie: we zijn vaak bij de eerste investeerders in onderontwikkelde sectoren en tonen aan dat we op een succesvolle manier kunnen investeren in risicovolle omstandigheden. Onze aanwezigheid kan ook helpen om lokale of meer commerciële investeerders aan te trekken voor bijkomende of latere financiering van het project.

Onze investeringsactiviteiten zijn onderverdeeld in 4 departementen: ondernemingen (met een voorkeur voor landbouwindustrie), financiële instellingen (zoals microfinanciering instellingen of lokale banken die KMO begeleiden), infrastructuurprojecten (voornamelijk hernieuwbare energie projecten zoals bijvoorbeeld kleine waterkrachtprojecten of windmolenparken) en participaties in lokale of regionale private equity fondsen die op hun beurt investeren in projecten die beantwoorden aan onze investeringsstrategie.

BIO financiert investeringsprojecten via leningen of via kapitaal, voor bedragen tussen de 1 en 15 miljoen euro. Onze investeringen gebeuren aan marktvoorwaarden wat betreft het vereist rendement, gezien we niet wensen te concurreren met commerciële investeerders, maar hen eerder aan te moedigen om te co-investeren en/of in een later stadium als financier op te treden. BIO onderscheidt zich wel door een minder risico-averse houding. Op het vlak van kredieten kan dat zich bijvoorbeeld vertalen in een langere looptijd van een lening, of een lening waarvan de eerste aflossing bijvoorbeeld pas na 1 of 1,5 jaar plaatsvindt.

We hebben ook een sterke rol als katalysator in kapitaalsinvesteringen (private equity); zowel via lokale investeringsfondsen als rechtstreeks. BIO is aandeelhouder in een 10-tal financiële instellingen en kon op die manier bijdragen aan de versteviging van het eigen vermogen van deze instellingen en aan de financiering van hun groei. Dankzij de aanwezigheid van dergelijke stabiele lange-termijn partners is het voor deze instellingen een stuk eenvoudiger om bestuurders met sterke toegevoegde waarde aan te trekken en schuldfinanciering te verkrijgen waardoor ze hun groeidoelstellingen kunnen waarmaken.

BIO beschikt ook over een ondersteuningsfonds voor MKMOs waarmee ze subsidies kan verlenen aan bepaalde projecten. Op die manier kan bijvoorbeeld een haalbaarheidsstudie gefinancierd worden, personeel een specifieke opleiding aangeboden worden, of een externe consultant aangetrokken worden voor een bepaald onderdeel van het strategisch plan van de onderneming. Dankzij deze steun kan BIO een nog sterkere impact hebben op de ontwikkeling van de onderneming.

Vaak werken we alleen, maar wanneer het om grote projecten gaat – zoals investeringsfondsen of infrastructuurprojecten - werken we vaak samen met andere financieringsinstellingen. Dit kan zijn met collega ontwikkelingsfinancieringsinstellingen (FMO in Nederland, CDC in het Verenigd Koninkrijk, SIFEM in Zwitserland, Proparco in Frankrijk, …) of multilateraal met de Europese ontwikkelingsbank (EIB), de Afrikaanse ontwikkelingsbank (AfDB) of de internationale ontwikkelingsbank (IFC).

Tot slot: een voorbeeld

In 2014 werd BIO aandeelhouder in Annapurna Microfinance, een microfinancieringsinstelling die kredieten verleent aan vrouwen in rurale gebieden in midden en oost India. Hoewel India een sterke economische vooruitgang doormaakt blijft de kloof tussen rijk en arm zeer groot. Vooral in rurale gebieden leven nog heel wat mensen onder de armoedegrens en is nauwelijks tot geen financiële dienstverlening. Microfinanciering helpt lokale (micro-) ondernemers om via een kleine lening een kleine investering te doen zodat ze hun activiteiten kunnen ondersteunen en zo het welzijn van het gezin kunnen verbeteren. De lening moet altijd een bedrijfsdoel hebben. Het gaat bijvoorbeeld om een bijkomende koe voor melkproductie, landbouwgoederen, klein materiaal of een verbetering van de werkplaats. Het aanbieden van dergelijk microkrediet gaat gepaard met een kleine opleiding inzake financieel beheer. Annapurna onderzoekt ter plaatse de leningsaanvraag, en keert deze na goedkeuring meestal binnen enkele dagen uit.

Op het ogenblik van onze investering in 2014 was de instelling slechts actief in 3 van de armste staten van Indië en had ze 158,000 klanten. Onder andere dankzij onze investering kon de instelling zich verder financieren op de internationale en lokale markt. De instelling heeft nu 1.2 miljoen klanten, is actief in 10 staten en heeft 3500 werknemers.

 

Keer terug naar Onze domeinen.             

 

Domein: 
Arbeid en ondernemen
Auteur: 
Leatitia COUNYE - Senior Investment Officer
Uitgave PLU.IM Magazine: 
September 2018