Missie Ethiopië Mei 2014

 

Logistieke ondersteuning medische missie Ethiopiëin Lalibela mei 2014

 

Willy De Wilde

….Een dikke proficiat aan deze De Pintenaar

Gedurende de maand mei zijn verschillende teams van chirurgen naar Ethiopië gegaan om daar in een hospitaal in Lalibela mensen te helpen die normaal geen toegang hebben tot onze westerse geneeskunde en dat ook niet kunnen betalen. Deze missie ging uit van H.E.L.P. (Health Education Logistic Projects – vzw) en had voor de tweede maal plaats in Ethiopië. Elke medewerker deed dit volledig op vrijwillige basis en betaalde zelf zijn reiskosten.  

Als gepensioneerd ingenieur maakte ik samen met twee andere personen deel uit van een logistiek team dat deze missie mee heeft voorbereid en ondersteund. Concreet hield dit in:

  • Verzamelen van de bijna 600 kg medisch materiaal dat als een schenking op voorhand naar Ethiopië diende te worden verzonden
  • Organiseren van de cargozending vanuit Brussel naar Addis Abeba, hoofdstad van Ethiopië
  • Een week vroeger vertrekken dan de medische teams om in de luchthaven van Addis Abeba het medisch materiaal te dedouaneren en om de elektrische installatie in het hospitaal te verbeteren.
  • Het materiaal over de weg vervoeren naar het hospitaal in Lalibela, zo een 600km noordelijk van Addis
  • In de operatiezalen van het hospitaal de verlichting herstellen en zorgen voor veilige aansluitingen van de medische apparatuur.
  • Ondersteuning bij de selectie en begeleiding van patiënten van zodra de medische teams operationeel waren

Om het materiaal door de douane te kunnen krijgen, werden door Dr. Herman De Gezelle, de leider van de missie, een paar maanden vóór vertrek lijsten van de inhoud van de in totaal een 60-tal dozen doorgestuurd naar officiële instanties in de hoofdstad Addis Abeba. Kort voor vertrek werd dan nog gevraagd om de lijsten aan te vullen met kostprijs en land van productie.

Bij het verzamelen van het te verzenden materiaal werd mijn garage omgedoopt tot een grote stapelruimte. Toen we contact namen met het cargobedrijf bleek de inhoud van sommige dozen een probleem te zijn. Er zaten namelijk een 10-tal liter ontsmettingsalcohol en andere sterk ontvlambare producten in. Die moesten uit de verpakkingen worden gehaald om dan in speciale dozen afzonderlijk te worden verpakt. Er zat dus niets anders op dan bijna alle dozen te openen en te controleren.

Met een volgestouwde grote “remorque” ging het dan een tweetal weken vóór de eigenlijke missie richting Brucargo, waar de dozen met medisch materiaal op drie paletten werden gestapeld en omwikkeld met krimpfolie.

Met ons drieën van het logistieke team zijn we deze zending achterna gereisd, een week vroeger dan de medische teams. We hadden twee dagen voorzien om met de hulp van Ethiopische contactpersonen het materiaal te dedouaneren. Dat was echter buiten de Ethiopische bureaucratie gerekend.

Een strijd van 5 dagen met de locale administratie was nodig om ons materiaal in handen te kunnen krijgen. Men bleef redenen vinden om het medische materiaal niet vrij te geven. De verzender moest zich kunnen identificeren, wat nu eenvoudig was omdat ik daar ter plaatse was - mijn reispas volstond hiervoor. Ook onze contactpersoon in Addis die het materiaal in ontvangst ging nemen diende een verklaring op te stellen, van stempels te voorzien en te ondertekenen. Minder evident was het om van de eindbestemmeling, de directeur van het hospitaal in Lalibela, een origineel in handen te krijgen van een verklaring dat hij het materiaal inderdaad wilde ontvangen. Een fax volstond niet, maar gelukkig werd er iemand gevonden die ’s anderendaags met het vliegtuig van Lalibela naar Addis kwam. Hij heeft de afgestempelde en ondertekende brief kunnen meebrengen.

De officiële erkenning van onze dokters door de Ethiopische overheid diende ook nog te worden geregeld. Voorafgaand was hiervoor door Dr. Herman per dokter een bundel met curriculum vitae, kopij van diploma’s met Engelse vertaling, publicatielijsten en bewijs van lidmaatschap van de Orde van Geneesheren doorgestuurd. Voor de “Food, Medicine and Health Care” in Addis volstond dit echter niet om de licenties te verlenen. Alles diende te worden overgeschreven op een tweetal formulieren van hen. Bovendien was een verklaring van de Belgische Ambassade nodig over het belang van de Orde van Geneesheren in België om uiteindelijk het fiat te krijgen.

Ook al ging het hier over een schenking van materiaal aan Ethiopië, toch dienden er invoerrechten te worden betaald. Er was vooraf afgesproken dat dat zou betaald worden door de Ethiopische overheid, maar er ontstond discussie over welke dienst(en) dit diende te betalen. Finaal werden de invoerrechten door ons “voorgeschoten”.

Er werd ons eveneens gevraagd om te bewijzen dat het wel degelijk over een schenking ging, ook al stond dat o.a. vermeld op de materiaallijsten. Men vroeg ons om hierover een (ondertekende en afgestempelde) verklaring te kunnen voorleggen van de burgemeester van Gent. Dit hebben we toch kunnen afhouden.

Ondertussen hadden douanebeambten het materiaal toch al gecontroleerd en een lijst opgesteld van de medicatie die ze hadden teruggevonden in de dozen. Gelukkig was er geen enkele verpakking over datum, maar een aantal doosjes bleek geen Engelstalige bijsluiter te bevatten. Voldoende reden om het materiaal toch te blokkeren. Een verklaring bij een hogere beambte dat in België de bijsluiters altijd meertalig zijn, waaronder Engels, volstond gelukkig om toch de nodige stempel te krijgen. Toen was het al laat vrijdagnamiddag en konden we eindelijk, nog net vóór het weekend, de dozen uit de stockageruimte van de cargo gaan ophalen.

Maar wat bleek, één van de drie paletten werd niet teruggevonden. We zijn dan maar zelf de verboden zone binnengegaan en net toen we werden teruggefloten hadden we het verloren pallet teruggevonden, achter een stapel andere verpakkingen. De H.E.L.P.-stikkers op de dozen volstond als bewijs dat het wel degelijk over ons verloren pallet ging. Achteraf bleek dat de dozen op dit pallet ook niet waren gecontroleerd.

Het was al bijna donker toen alle dozen ingeladen waren op de achterste banken van de bus die ons naar Lalibela ging voeren, 600 km noordelijk van Addis Abeba.

De chauffeur is zonder tussenovernachting doorgereden naar onze eindbestemming, waar we de dag nadien in de namiddag aankwamen. Om de stemming er in te houden en vooral om de chauffeur wakker te houden zijn we groot gedeelte van de nacht luidop blijven zingen. Gelukkig kon de chauffeur de teksten niet verstaan en waren het ook geen slaapliedjes. De vensters vooraan werden met hetzelfde doel ver opengezet, waardoor we met twee een flinke verkoudheid opliepen.

Onderweg, bij het opkomen van de zon hebben we kunnen genieten van de prachtige landschappen en van de bedrijvigheid en het leven die daar reeds ’s morgens vroeg op gang komen in de verschillende dorpen en markten langs de weg.

    

Zondag 4 mei, ook de dag dat de medische teams van de eerste operatieweek toekwamen, hebben we met onze drieën van de logistieke ploeg herstellingen uitgevoerd in het Memorial Hospital van Lalibela. Op basis van fotomateriaal, dat tijdens een voorafgaand bezoek door o.a. Dr. Herman eind januari 2014 werd verzameld, hadden we beslist om vooraf in Addis o.a. buislampen en stopcontacten aan te kopen. Deze kwamen goed van pas om in beide operatiezalen en in de ruimte voor de tandartsen een basisverlichting en de elektriciteitsvoorziening in orde te brengen. Twee operatielampen van het hospitaal, die niet gebruikt werden omdat ze niet konden worden aangesloten op de bestaande stopcontacten,  bleken goed te werken na aansluiting op het juiste stopcontact. Ook de zelf meegebrachte LED-spots op statief werden geïnstalleerd als accentverlichting voor de operatiezone.

Vanaf maandag 5 mei werd gestart met de operaties. Het logistieke team werd vanaf dan ook ingeschakeld bij de begeleiding van de patiënten.

  

Ook verdere herstellingen werden uitgevoerd. Twee lekkende sifons werden hersteld, maar achteraf bleken de poetsvrouwen daar niet gelukkig mee te zijn. Voor hen was een kapotte sifon namelijk zeer handig: om een emmer te vullen met water volstond het die onder de sifon te zetten en de kraan te openen. Het is moeilijk om voor iedereen goed te doen. Ook het toilet aan het operatiekwartier werd gekuist, ontstopt en hersteld. Voor de chassebak konden we echter geen onderdelen vinden zodat doorspoelen nog steeds met een emmer water dient te gebeuren. Toch nog een beetje Afrika …

In het hospitaal werden zeven jaar geleden twee steriliseerapparaten geïnstalleerd. Eén ervan bleek niet te werken omdat … het niet was aangesloten. Na aanbrengen van een aansluitkabel (die ik gelukkig bij had) en wat opstartmoeilijkheden bleek het apparaat perfect zijn werk te kunnen doen.

Toen de elektriciteit plots uitviel, werd een noodgenerator opgestart. Na korte tijd viel die echter weer stil door gebrek aan brandstof … Op onze vraag werd brandstof bijgevuld. Bovendien was er maar in één van beide operatiezalen een stopcontact dat op de noodgenerator was aangesloten. Wij hebben voor de tweede operatiezaal een bijkomend noodstopcontact voorzien.   

Door, per ongeluk, een kortsluiting te maken tijdens het vervangen van een stopcontact dat nog onder spanning stond, schakelde de elektriciteit niet uit. Wel in tegendeel: de draden bleven vonken, lasten samen en in een verdeelbord in de buurt was daardoor een draad bijna verkoold. Wat bleek? Men had de automatische zekering overbrugd met een dikke koperdraad.

Er dreigde de eerste dagen een gebrek te zijn aan zuurstofflessen. Dit was niet alleen omdat er te weinig volle flessen waren, maar ook omdat de beschikbare ontspanners niet op al de flessen pasten. Door mensen van het ziekenhuis werden nieuwe flessen aangekocht in een “naburige” stadje, wat een reis van een 3-tal dagen inhield.

Het was aangenaam en leerrijk om gedurende een hele week te kunnen samenwerken met de sterk gemotiveerde medische teams. Tijdens die ene week werden o.a. ruim 200 tanden getrokken, een 8-tal schildkliergezwellen en talrijke tumoren verwijderd en werden verschillende huidtransplantaties uitgevoerd bij patiënten met oude brandwonden. Vele andere patiënten werden geselecteerd voor operaties de weken nadien.

De laatste “werkdag” werd afgesloten met een plechtigheid, waarop ook de Belgische Consul en een lokaal verantwoordelijke van Volksgezondheid aanwezig waren. Zaterdagmorgen werd de terugreis aangevat, behalve dan door Dr. Herman, die dan nog 3 weken in Lalibela bleef. Elke volgende week tot eind mei kwamen nieuwe teams van chirurgen het werk verder zetten.

 

De bijdrage die we konden en mochten leveren met de logistieke ploeg werd door de medische teams en door de directie van het hospitaal in Lalibela sterk geapprecieerd. Voor ons was ook het contact met de talrijke patiënten, waarvan sommigen dagen hebben moeten stappen om het hospitaal te bereiken en soms reeds meerder jaren sukkelden met hun gezondheid, een zeer verrijkende ervaring. Wat een contrast met ons gezondheidssysteem!     

 

Keer terug naar Onze domeinen.                 

 

 

 

Domein: 
Cultuur en Wetenschap
Auteur: 
Willy DE WILDE
Uitgave PLU.IM Magazine: 
September 2014